De wereld is mooi

Alle kleuren van de regenboog

‘De wereld is mooi’, galmde onze dochter Zonneke dagelijks door het huis vanaf het moment dat ze kon praten. ‘Van Afrika tot Amerika, met alle kleuren van de regenboog ja, ja, jippie, jee!’ Heimelijk vind ik het jammer dat tegenwoordig de schimmige wereld van Het huis Anubis de kamer vervult. Ik werd er namelijk erg blij van. Omdat ik geloof dat er overal mensen zijn met de beste bedoelingen. In de betere wereld die bij jezelf begint. En dat elke positieve actie vandaag, hoe klein ook, ons leven van morgen meer licht geeft.

Maar aangezien ik niet op een eiland leef, stel ik mezelf net als iedere ouder de vraag: vertel ik mijn kind dat de wereld kleurrijk is, vol mensen die het meestal goed met je menen? Of lezen we samen de krant om daarna mistroostig te concluderen dat we leven op een donkere planeet vol kinderverkrachters, dieven en moordenaars? Ik balanceer ergens in het midden, op een eng dun touw, omdat dat nog het meest veilig klinkt. Dus hoor ik mezelf geregeld tegen mijn zevenjarige dochter Zonneke zeggen dat ze nooit zomaar met andere mensen mee mag gaan, maar dat altijd (echt, ALTIJD) eerst moet vragen. Hoe goed ze die persoon ook kent. En als iemand dat niet accepteert, moet ze niet twijfelen maar weghollen en heel hard (echt, HEEL HARD) om haar mama en papa  roepen.

Daarover sprak ik dit weekend met vriendin Babette die bij mij op bezoek was met haar achtjarige dochter. ‘Ik ga uit van het principe dat niemand te vertrouwen is tot het tegendeel bewezen is’, zei Babette stellig terwijl ze haar cappuccino dronk. Ze schoof iets dichterbij. En opeens vertelde ze dat haar dochtertje vorige week thuis was gekomen met ‘vreemd spul’ van haar zestienjarige overbuurjongen op haar kleding. Hij was met het verstoppetje spelen bij haar in de kast gekropen en had zich enthousiast tegen haar aangeschuurd. Het achtjarige dochtertje van Babette ging naar huis en vertelde het, gelukkig, direct. Toen Babette aangifte deed bij de politie in haar woonplaats, zei de jongen achter de balie dat ze dit beter niet kon doen. Het zou alleen maar trauma’s opleveren bij het kind. En was dat het waard, vroeg hij bijna verwijtend aan de bezorgde moeder. Babette deed het toch. Omdat ze voorbij haar eigen tuinhek wenste te kijken en de kans had de wereld voor andere meisjes iets veiliger te maken.

Na dit verhaal keken Babette en ik elkaar aan en holden toen naar het pleintje waar onze dochters speelden in de voorjaarszon. Het licht danste in hun haren en werd weerspiegeld in hun ogen. De meisjes vertelden vol enthousiasme dat er net daarvoor een man langs was gekomen. ‘Hij vroeg of we even met hem mee wilden lopen.’ Maar dat hadden ze toch maar niet gedaan. Even later kwam hij hen krijtjes komen brengen. Een hele hand vol. In alle kleuren van de regenboog. ‘Dat is aardig hè?!’ De kinderen wachtten op bevestiging. En kregen stilte.

Was het een ‘de wereld is mooi’ man. Of…

Beelden van een overbuurjongen in de donkere kast, en meer, drongen zich aan ons op. ‘Zie je wel’, zei de vriendin bijna zelfvoldaan toen we met z’n vieren weer naar binnen gingen, ‘mensen zijn verdorven.’ 

Natuurlijk weet ik dat er mensen rondlopen met gruwelijke fantasieën. Dat er op dit eigenste moment overal ter wereld kinderen worden verkracht en vermoord. Kinderen die even daarvoor nog speelden in de zomerzon. Natuurlijk weet ik dat ik mijn dochter en de kinderen met wie ze speelt daarom in de gaten houd, ook als zij het niet zien. Maar toch…

Misschien is het beter om het zo te zeggen: de wereld is mooi, alleen lopen er overal mensen rond die ons van het tegendeel willen overtuigen. Maar juist dan kunnen we twee dingen doen: ons erbij neerleggen dat de wereld donker is en verloren. Of voorbij ons eigen tuinhek kijken en er zelf kleur aan geven. Misschien niet met de krijtjes van een vreemde mijnheer. Maar door wie we zelf zijn.

Vrouwenpower is van 15 april tot 15 juli met 2,95 korting te koop. Vermeld bij bestelling via de site de kortingscode: 901-74322 en ontvang Vrouwenpower voor slechts 15 euro!

 

 

Delen: