Bloody embarresing
Schiet nu toch eens op! We komen te laat!
De school is weer begonnen en ineens roep ik het weer. Die woorden waarvan ik me had voorgenomen ze niet meer uit te spreken. Ik zie me weer kijken naar de klok.
Het is nauwelijks voor te stellen dat er nog mensen leven zonder tikkende klok in hun huis. Maar ze zijn er nog. Toen Geert voor het blad Happinez in de jungle van Ecuador was, ontmoette hij ‘papa Lucas.’ Een man die zijn huis in België twintig jaar geleden verruilde voor een houten hut tussen de bladeren. Diep in de jungle onderging hij een initiatie tot Indiaan en trouwde er. Hij zei: ‘Ik maak me nooit zorgen over morgen. Wij geven alleen aandacht aan wat nu is. Als ik tegen mijn vrouw zeg dat we morgen ontbijt nodig hebben, snapt ze me niet. Wat is morgen, vraagt ze dan?’
In het westen hebben we geprobeerdMannen hebben geprobeerd de tijd te vangen in klokken en kalenders. Maar die worden op een zijspoor gezet door het werkelijke leven. Wanneer gaan vrouwen weer beseffen dat we zelf het ritme van het leven zijn. We ademen de cyclus. Als we dat weer echt beseffen, zullen we ons weer verbonden voelen met de aarde. Een volk, een planeet, een tijd.
De planeet waarop we leven en waarvan we nu verwijderd lijken; we zijn er een deel van. We hoeven geen slachtoffer van de mechanische tijd te zijn. Wie naar buiten kijkt, ervaart dat de natuur al eeuwenlang haar eigen cyclus heeft: dertien manen van gelijke duur, vier seizoenen van dertien weken.
Ook als de kalender niet verandert, kunnen we er al voor kiezen te leven volgens dat ritme van de natuur. Door iets simpels als op te staan als de zon opkomt en te gaan slapen als de maan aan de hemel staat. Door naar buiten te gaan en te voelen, te zien en te ruiken in welk jaargetijde we leven in plaats van op de kalender te kijken. We hoeven niet de door onszelf opgelegde acht uur slaap te hebben in de zomer, omdat de zon ons als vanzelf wekt en we mogen in de winter langer blijven liggen. En we hoeven ook niet op de buienradar te kijken of het gaat regenen als we bij het opstaan een dreigend dik wolkendek op ons af zien komen. Als we weer een relatie aangaan met onszelf, voelen we ook weer hoe de wetten van het leven werken.
De zon en de maan vertellen het ons dagelijks, als we maar willen luisteren. De maan bepaalt al eeuwen de cyclus van de vrouw. Steeds meer westerse artsen geven toe dat meisjes met een onregelmatige cyclus niet alleen de conceptiepil als optie hebben om een regelmatige menstruatie te krijgen, het gebeurt ook als ze gaan slapen met de gordijnen open, in het licht van de maan. Zoals de woeste zee elk etmaal gehoorzaamt aan de kracht van de maan, hoeven wij ons er ook slechts aan over te geven.
In de joodse mystieke leer, de kabbala, wordt je ook weer uitgedaagd te leven naar het ritme van de natuur. Ze zeggen: bij opkomende maan bruis je vol enthousiasme van de ideeën. Als de maan vol is, ben je zelf ook vol van het leven. Je wilt het volledig in je opnemen. Op het moment dat de maan zich terugtrekt, heb je die behoefte van nature ook. Je hebt genoeg aan jezelf. En bij donkere maan wil je je het liefst even opsluiten en bezinnen. In vroegere tijden waren de donkere maanstonden gereserveerd voor de vrouw. Het was een heilige periode om te bidden, maar ook om je verdriet te laten gaan. Laten we daar mee beginnen. Met te accepteren dat er elke maand een periode is van ideeën, van enthousiasme, van laten bezinken en van bezinnen. We hoeven niet elke dag te bruisen van ideeën. Alles heeft zijn eigen tijd.
Het leven is cyclisch en de vrouwen weten dat omdat ze het zelf leven. De vrouw is de natuur, met perioden van bloei en van rouw. Als er iets bloody embarresing is, is het dat we dat lijken te zijn vergeten.